Bereid u voor op het Democratische gezicht in 2028

Ook al is het goed mogelijk dat ze in november de tussentijdse verkiezingen winnen, in veel opzichten lijkt de Democratische Partij een puinhoop. De analyse van de desastreuze nederlaag in 2024 stelde geen harde vragen en ontliep verantwoordelijkheden. De partij heeft geen leiders, een tekort aan fondsen, geen programma en de helft van de partij heeft nachtmerries over de dreiging van de progressieve vleugel die zich democratisch socialistisch noemt. Zorgwekkend, zeker, maar het zegt helemaal niets over de mate waarin de Democraten in 2028 het Witte Huis zouden kunnen heroveren.

Die kans is hoog en dat te zeggen is geen roekeloos optimisme. Ga maar na, alles wat hierboven staat, gold in 2015 voor de Republikeinse Partij. Ook toen al geen gebrek aan onzinnige ideeën en in dit geval reactionaire praat. Er waren gevestigde namen die president Obama wilden opvolgen. Marco Rubio, Lyndsey Graham en Jeb Bush, zoon van, waren de bekendste. En erger nog, in die tijd moesten de Republikeinen rekening houden met een sterke Democratische tegenstander, de toen nog winnend geachte Hillary Clinton. Trump veroverde de nominatie en iedereen dacht dat het daarmee wel bekeken was. We weten hoe het afliep.

In het Amerikaanse systeem krijgt een partij pas een gezicht als als er een persoon is die de partij vertegenwoordigt. Daar ontbreekt het aan bij de Democraten, maar na de verkiezingen van november gaat dat snel veranderen. Dan zullen de kandidaten om dat gezicht te worden over elkaar heen buitelen. Het is niets te vroeg om vast eens te kijken welke kant dat op kan gaan.

Drie Democraten hebben de afgelopen twee jaar nieuws gemaakt, maar geen van drieën zijn ze serieus te nemen. Kamala Harris, de treurige verliezer in 2024, schijnt nog steeds te denken dat ze in aanmerking komt. Ze leeft in dromenland. De andere prominente vrouw in de partij is Alexandra Ocasio-Cortez, bekend als AOC. Zij is populair bij links, intelligent en een sluwe politica, allemaal redenen waarom ze wel zal wachten om zichzelf nu te kandideren. Ze zal in 2028 proberen de senaatszetel van New York te veroveren op de onpopulaire en zeer bejaarde Chuck Schumer. En dan is er de man die zichzelf al in 2025 naar voren schoof: Gavin Newsom, de gouverneur van Californië. Over zijn anti-Trump campagne valt veel te zeggen, maar nog los van Newsoms karakterologische defecten, is het onwaarschijnlijk dat Amerikanen zich zullen laten inspireren door Californië. Zet Newsom maar bij de verliezers.

Van de anderen is Pete Buttigieg landelijk gezien de meest bekende. Hij brak door in 2020 tot de Biden-machine hem afstopte. Hij maakte, en maakt nog steeds, indruk als iemand die welsprekend een serieuze Democratische boodschap over weet te brengen. In de regering-Biden was hij minister van Transport, een belangrijke aanvulling op zijn CV dat tot dan toe enkel burgemeester van een middelgrote stad bevatte. Sindsdien is hij getrouwd met zijn mannelijke partner, hebben ze twee kinderen geadopteerd, en is hij verhuisd naar Michigan, een staat die voor Democraten belangrijk is. Buttigieg staat hoog in de peilingen maar dat is vooral een weergave van zijn naamsbekendheid. De vraag is of hij zijn jonge gezin aan een campagne wil onderwerpen waarin gay-bashing onontkoombaar zal zijn.

Een interessante kandidaat die zichzelf de afgelopen maanden naar voren schoof is Ralph Emanuel, voormalig chef staf van Obama en daarna burgemeester van Chicago en ambassadeur in Japan. Hij loopt al rond in New Hampshire, ook al is dat niet meer de eerste staat met voorverkiezingen. Hij is geïnteresseerd en laat dat ook weten; hij biedt hoop op een inhoudelijke campagne. Als persoon staat hij bekend als een keiharde, onaangename politicus, misschien niet de beste campagnevoerder. Inhoudelijk neigt hij naar het veilige midden, is daardoor al gauw kleurloos.

Relatief oude bekenden zijn Democratische gouverneurs met veel bestuurservaring. Andy Beshear van Kentucky werd twee maal gekozen in een diep Republikeinse staat en kan betogen dat hij bruggen kan slaan. Een zuiderling zou de Democraten goed van pas komen. Ook gouverneur JB Pritzker van Illinois zit op het vinkentouw, maar als puissant rijke ondernemer is hij niet de meest voor de hand liggende kandidaat in een partij waarin democratisch socialisme (voor ons Europeanen gewoon sociaal democratie) populair is. De derde gouverneur is Josh Shapiro van Pennsylvania. Hij was in 2024 een van de mogelijke kandidaten voor het vicepresidentschap, het niet gekozen worden ging hem niet goed af. En, laten we er niet omheen draaien, de afkeer van Israël, niet uit antisemitisme maar gebaseerd op het veroordelen van Israelisch beleid, maakt het lastig voor een Joodse Amerikaan om succesvol campagne te voeren.

Een veelbelovende kandidaat die u vast niet kent is senator Jon Ossoff van Georgia. Hij vertegenwoordigt een belangrijke staat die Democraten moeten winnen, is jong en welsprekend. Hij moet nog wel in november herkozen worden als senator, maar als dat is gebeurd, zit hij vol in de race. Ossoff is een van die jonge, relatief onbekende kandidaten die, als Obama in 2007, ineens enthousiasme kan losmaken.

Senatoren krijgen altijd aandacht, en vinden zichzelf altijd presidentiabel, vandaar dat ook Cory Booker van New Jersey (ook kandidaat in 2020) en oud-astronaut Mark Kelly van Arizona vaak genoemd worden. Voorlopig zijn ze niet relevant.

Het is vroeg in de campagne voor 2028 en niemand is er al echt meer bezig, afgezien van de ambitieuze lieden hierboven. En, zult u zeggen, moet er niet eerst een programma op tafel liggen dat richting geeft aan een partij die in 2024 met lege handen achterbleef? De manier waarop Amerika werkt, is dat de personen de agenda gaan bepalen. Natuurlijk zijn daarin belangrijke onderwerpen relevant, zoals gezondheidszorg, pensioenen, woningen en een beschaafd buitenlands beleid. Maar dat komt pas aan bod als er personen zijn die daarover gaan praten. Handenwringen is de Democraten eigen. En inderdaad moeten eerst nog maar eens de tussentijdse verkiezingen van 4 november gewonnen worden. Maar deze Democraten staan in de startblokken zodra die winst binnen is.

Eerst mcConnell, nu Graham: bejaardenuitval.

Het is druk bij de poorten van de hel. Republikeinse politici verdringen zich. Net als je klaar bent met het voorbereiden van het overlijdensbericht van senator Mitch McConnell, van wie we niet weten of hij al of niet al dagen dood is, blijkt ook senator Lyndsey Graham het tijdelijke met het eeuwige gewisseld te hebben. Wellicht een wrede speling van het lot dat deze fans van de fossiele industrie tijdens een hittegolf onderuit gingen.

Wat beide heren kenmerkte maar zeker niet uniek maakte, is dat ze hun meningen en politieke standpunten moeiteloos aanpasten aan wat Donald Trump hen opdrong. Het is waar dat dit geldt voor veel Republikeinen, van minister van Buitenlandse Zaken oud-senator Marco Rubio tot vicepresident oud-senator JD Vance, maar Graham en McConnell sprongen er wel uit in hun slaafse volgzaamheid.

Van Graham, senator van South Carolina, weten we in elk geval dat hij dood is. In 2016 was deze man nog een tegenstander van Donald Trump bij de Republikeinse voorverkiezingen, net als Marco Rubio trouwens. Wat ze toen over Trump zeiden, hoorden ze later liever niet meer terug, maar het werd genadeloos uitgebuit door de latere president om hen keurig in de Republikeinse pas te laten lopen.

Lyndsey Graham had ooit een reputatie van weldenkend, enigszins agressief buitenlands politiek expert. Graham, ongetrouwd en een man van hechte mannenvriendschappen, was indertijd beste maatjes met John McCain, senator en in 2008 de verliezend presidentskandidaat van de Republikeinen. Beide heren waren trouwe Atlantici, waarbij Graham vaak McCains leiding volgde. McCain overleed in 2018 met zijn reputatie intact, onder meer door te weigeren zich door Trump te laten koeioneren. McCain was de senator die in 2018, vlak voor zijn dood, voorkwam dat Trump en zijn partij Obamacare de nek om draaiden. Een voorbeeld van politieke moed dat zijn dierbare collega Graham niet heeft kunnen evenaren.

Graham, een ongetrouwde man met een hang naar bromance, was daarna wat onthecht tot hij een nieuwe vriend ontdekte in president Trump. Hij ontpopte zich tot golfmaatje van de president en een onvermoeibaar supporter, altijd goed voor de verdediging van wat Trump ook maar deed. Na 6 januari 2021, na de aanval van de Trump-bende op het Capitool, toonde Graham zich kritisch maar dat duurde niet lang. Hij weigerde voor Trumps impeachment te stemmen en toen daardoor de oud-president een tweede kans kreeg, herstelde Graham zijn vriendschap met Trump. Als er iemand aan de kant stond te juichen bij Trumps oorlog met Iran was het Lyndsey Graham wel, een onversneden havik.

Senator Mitch McConnell, inmiddels al of niet overleden (zijn conditie wordt geheim gehouden), was invloedrijker. De man kon zijn afkeer van de persoon Donald Trump nauwelijks verbergen, hoewel hij een nog grotere hekel had aan president Obama van wie hij vastbesloten was een één termijn president te maken. Maar McConnell had zijn eigen Republikeinse agenda. Hij voorkwam in 2016 een serieus onderzoek naar de Russische invloed in Trumps campagne, hoewel de CIA een karrenvracht aan bewijs had. En hoewel ook Mcconnell Donald Trump direct verantwoordelijk hield voor de poging tot staatsgreep in 2021, weigerde hij zijn collega-senatoren te leiden in een impeachment. Daarmee redde hij de politieke carrière van Trump die zo in 2024 terug kon komen.

McConnells belangrijkste doelstelling was alle Republikeinse neuzen dezelfde kant op te houden, met of zonder Trump, en daar was hij goed in. Hij blokkeerde hoogstpersoonlijk Obama’s voordracht voor het Supreme Court in 2016, zodat Trump in 2017 een conservatief kon benoemen. In 2020 jaste hij er juist met onbetamelijke haast een benoeming door die Trump zijn derde rechter in het steeds conservatieve Hof verschafte.

De aanstaande (of verborgen) dood van McConnell zal meer en scherpere overlijdensberichten opleveren dan die van de opzichtig opportunistische Graham. Als langjarig meerderheidsleider had McConnell simpelweg grotere invloed op het reilen en zeilen van de Senaat en was daardoor ook invloedrijk tijdens de regering-Biden toen Lyndsey Graham eigenlijk aan de kant stond en zich in Mar a Largo en op de golfbaan zelden liet zien tot Trump zijn comeback had gemaakt.

De gevolgen van deze Republikeinse sterfgevallen zijn groter dan simpelweg het wegvallen van twee oude mannen. Beiden vertegenwoordigden stabiele Republikeinse staten en beide zetels waren open bij de verkiezingen van november. Graham was beschikbaar voor herverkiezing, McConnell had zijn terugtreden al aangekondigd. De kans dat de Democraten deze zetels veroveren, is echter minimaal.

Een direct probleem voor Trump en de door hem gedomineerde Republikeinse Partij is dat van de 53 zetels in de Senaat (van 100 leden) ze nu nog maar een meerderheid van 51 zetels hebben (met vicepresident Vance om te beslissen als de stemmen staken). Graham kan snel vervangen worden door de Republikeinse gouverneur van South Carolina, maar in Kentucky moet een tussentijdse verkiezing plaatsvinden, als McConnell inderdaad al dood blijkt. Gegeven de groeiende kritiek van twee of drie Republikeinen wordt het moeilijker voor hen om controversiële wetgeving erdoor te jassen of te voorkomen dat Trumps oorlogen worden stopgezet. Daarnaast zou het de verkiezingen in november kunnen beïnvloeden door een hogere Democratische opkomst, maar hoe dan ook zal het de zaken voor het komend halfjaar lamleggen.

Een interessant bijeffect is dat het de bejaarden die in Amerika de dienst uitmaken zich meer bewust zal maken van hun sterfelijkheid. Daat geldt voor beide partijen. Liefst 33 senatoren zijn ouder dan zeventig, onder wie Democraten als Bernie Sanders (84) en de Democratische leider Chuck Schumer (78). Bejaardheid en disconnectie met de gewone Amerikaan wordt steeds meer een onderwerp waarover kiezers zich druk maken – ook dit zou de opkomst kunnen beïnvloeden. Maar het zal ook die oude man in het Witte Huis, de 80-jarig Donald Trump die steeds meer de tekenen van zijn gevorderde leeftijd laat zien, zich meer bewust maken van zijn sterfelijkheid. De poorten van de hel staan wijd open. Ook voor de man die volgens Graham in 2016 nog een ‘jackass’ was, en ‘hondenfluitjes gebruikende racist’ was, ware woorden die door de opportunistische senator snel weer werden ingeslikt. Het zal eenzaam zijn op de golfbaan.