Recente boeken

De afgelopen weken had ik de tijd om mijn boekenstapel wat te verlagen. Een paar observaties over boeken die de moeite van het lezen waard zijn.

The Mission. The CIA in the 21st Century door Tim Weiner. The Mission: The CIA in the 21st Century: Weiner, Tim: 9780008606596 ...

Dit is een onthutsend, onthullend boek over Amerika’s ogen en oren in de wereld. Het verhaal van de regering Bush, inclusief vicepresident Dick Cheney met zijn parallelle nationale veiligheidsstructuur, is in grote lijnen bekend. De manier waarop ze in slaap sukkelden richting 9/11, ondanks de waarschuwingen. En de overreactie daarna. De leugens om van al Qaida naar een lang gekoesterde droom om Irak te ‘bevrijden’ (waarom eigenlijk – was het enkel de lobby van Chalabi, zo’n ‘nationalist’ die al dertig jaar niet meer in zijn land was geweest; waarschuwingen over de zoon van de Shah zijn op zijn plaats).

De oorlog in Irak die hopeloos fout liep, het niet in staat zijn te leren (zie Iran nu). De ‘oorlog tegen terrorisme’, leidend tot martelingen, dark sides en een sfeer van leugens en achterklap binnen de CIA. Goed om opnieuw te zien dat het een Republikein was, kleine Bush en zijn evil maatje Cheney in dit geval, die het Amerikaanse systeem corrumpeerde. Nou ja, goed. Het zijn dus Republikeinen die niet met macht kunnen omgaan, althans niet de verleiding kunnen weerstaan die te misbruiken. Ik moet ook weer aan Iran-Contra denken, al is dat niet deel van dit boek.

Weiner vertelt hoe de regering Obama probeerde de dienst weer op orde te brengen, en hoe de eerste regering Trump er opnieuw een zootje van maakte. Hij geeft de beste samenvatting die ik tot nu toe heb gezien van de Russia connection, de manipulatie van de verkiezingen van 2016 door Rusland. Ik blijf volhouden dat Hillary Clinton nooit kandidaat had moeten zijn en mede verantwoordelijk is voor Trump, maar als Poetin Trump niet had geholpen dan was ze gewoon president geworden. Trump weet het, voelt het, vandaar dat hij nog steeds dagelijks tegen de Russia hoax ageert.

De namen van Trumps handlangers, Kash Pathel voorop, de man die nu de FBI kapot maakt – door Trump gewenst als baas van de CIA. Degene die het wel werd, was niet veel beter. De CIA had altijd redelijk goede kennis over Rusland maar kon nooit begrijpen wat Trump had met Poetin. Weiner heeft maar een conclusie na alles wat hij gezien heeft: Trump wordt niet gemanipuleerd door Poetin, hij is overgestapt, hij is een Russische agent geworden.

De gebeurtenissen rond de poging tot staatsgreep na de verkiezingen van 2020, toen leger en CIA klaar stonden om te voorkomen dat Trump en zijn bende succes konden hebben. Weiner kan alleen nog de eerste paar maanden van de tweede regering meenemen. Alles wijst op een herhaling van de eerste regering, maar dan vastberadener en effictiever in de destructie. Een Rusland-fan die de inlichtingendiensten coördineerde, Tulsi Gabbard, en zich verlaagde tot het verdacht maken van de verkiezingen van 2020 in Georgia. En nu, een jaar nadat Weiner zijn boek afsloot, de benoeming van de incompetente Bill Pulte als acting director, met de opdracht om zolang als hij acting is (hij wordt nooit door de Senaat aanvaard) iedereen te ontslaan die in de ogen van Trump verdacht is.

Dit boek geeft je niet het vertrouwen dat het wel weer goed zal komen de VS. De CIA is maar één voorbeeld van een bureau dat kapot gemaakt is en door de Trump-bende gebruikt voor eigen doeleinden. Er zijn er nog zoveel meer. De regering-Trump is hopeloos gecompromitteerd, maar omdat de Amerikaanse burgers hem een tweede kans gaven en de bejaarde narcist alleen maar erger is geworden en de bende om hem heen nu precies weet wat ze moeten doen om hun macht te behouden, is nu het land zelf gecompromitteerd. We mogen blij zijn als er uberhaupt verkiezingen gehouden worden, het is nu al zeker dat ze gecompromitteerd zijn en dat de Trump-bende wel eens langer kon blijven dan de kiezers zouden wensen.

Rust Belt Union Blues. Why Working-Class Voters Are Turning Away from the Democratic Party door Lainey Newman and Theda Skocpol Rust Belt Union Blues: Why Working-Class Voters Are Turning Away from ...

Lezen over de teloorgang van vakbonden, Amerikaans of elders, is niemands favoriete tijdsbesteding. Maar dit mooie compacte boek met gedegen sociologisch onderzoek in West Pennsylvania, rondom Pittsburgh, over wat er gebeurde met de industrie daar, de hoge inkomens van laag opgeleide mensen, de gemeenschap die dat alles bood, is bijzonder informatie. U herinnert zich misschien Barack Obama die in een van zijn minder geslaagde opmerkingen, in Pennsylvania zei dat het gegeven wat opeenvolgende regering niet hadden gedaan, het niet verrassend was ‘they get bitter, they cling to guns or religion or antipathy toward people that are not like them’. Het was een domme opmerking, nog net zo dom als Hillary’s despicable people, maar verdomd, de kern was helemaal waar.

Dit boek laat zien hoe de gemeenschap van arbeiders, met allerlei organisaties waar mannen bij elkaar kwamen, lodges en vakbondslokalen, verdwenen met de industrie. Het was geen plotseling gebeuren: als correspondent in de jaren tachtig schreef ik al over Wheeling en andere staalfabrieken die de deuren sloten of nauwelijks konden overleven. Wat Newman en Skocpol is de vernietigende effecten ervan op de lokale gemeenschap in kaart brengen. In 2000 deed Robert Putnam dat in Bowling Alone voor heel Amerika, zij doen het voor een beperkter gebied maar kunnen daardoor dieper doordringen in wat verloren ging.

Het is een triest verhaal. Er zitten elementen in die ik niet kende of in elk geval niet goed door had. Zou heeft de NRA, de wapenlobby, sinds de jaren zeventig overal social clubs opgezet rondom guns. Toen de andere ontmoetingsplekken wegvielen, werden die NRA clubs wat vroeger de Union Halls waren. Hetzelfde geldt voor kerken. Er is een goede reden dat die sinds de jaren zeventig populair zijn geworden (een van de redenen): het werd de enige plek waar iets van een groepsgebeuren plaatsvond.

Obama wist niet half hoe gelijk hij had, al had hij het beter niet kunnen zeggen. Vaak wordt ook het eerste deel van het citaat weggelaten, waarin hij erkent dat opeenvolgende regeringen, van Clinton tot Bush, niets deden om deze mensen te helpen, al was het maar in de transitie naar een ander leven. Het drama van Obama is dat ook hij daar niet in slaagde. Skocpol heeft in ander werk uitgebreid geschreven over de Tea Party, de sterk racistisch geïnspireerde opstand tegen Amerika’s eerste zwarte president, zonder moeite omarmd door de Republikeinse Partij op weg naar Trump.

Kortom, een mooi boek dat eindigt in een pleidooi voor uitgaven voor community building. Vakbonden zouden best een tweede leven kunnen hebben – we zien pogingen om bij Bezos’ Amazon en bij Starbucks om vakbonden op te zetten. De paniekerige hardball die de werkgevers spelen om het te voorkomen vertelt wat we moeten weten: ze zien het als een bedreiging van hun ongebreideld winstbejag. En terecht.

Poverty by America door Matthew DesmondPoverty, by America: Desmond, Matthew: 9780593239919: Amazon.com: Books

Het blijft een pijnlijke waarheid voor Amerika dat het rijkste land van de wereld nog steeds zo’n 14 procent van zijn burgers (en een veel hoger percentage kinderen) onder de armoedegrens heeft. Dat dit land grotere ongelijkheid kent dat welk ander land dan ook. Dat het belastingsysteem vol zit met regels die de rijken voor zichzelf hebben geschreven waardoor zowel de ongelijkheid als de armoede groot blijven.

Desmonds boek zet het allemaal op een rijtje en probeert er een verhaal van te maken, meer dan een opeensomming van feiten en getallen. Een van de referenties is het boek van John Kenneth Galbraith, The Affluent Society, uit nota bene 1959, zogenaam de tijd dat Amerika nog great was. Zijn grootste zorg was dat privé vermogens aanzienlijk sneller stegen dan investeringen in publieke diensten zoals scholen, parken en sociale programma’s die een bodem bieden voor het dagelijks leven. Waar is de Galbraith van onze tijd? Of zijn we zo murw geworden dat we niet meer opkijken van Musk rijkdom of bankiers die de economie naar de filistijnen helpen, zoals in 2008, en daar alleen maar van profiteren? Geen licht voer maar noodzakelijk voor het perspectief, en goed geschreven.

America Last. The Right’s Century-Long Romance with
Foreign Dictators door Jacob HeilbrunAmerica Last: The Right's Century-Long Romance with Foreign Dictators ...

Heilbrun is een van de meer interessante buitenlandse politiek beschouwers. In dit boek vertelt hij hoe de Trumpie America first modus, de wens om een verlichte dictatuur te hebben die de ongeregelde massa in toom zou houden, al sinds het begin van de twintigste eeuw nadrukkelijk aanwezig was in Amerika. Er loopt een directe lijn van fans van keizer Wilhelm naar de fans van Orban en Trumps liefde voor Poetin. Van bewondering voor Hitler naar Franco en Pinochet.

Trump heeft er geen idee van, voor hem is het allemaal intuitief, maar de mensen om hem heen passen in deze traditie en zijn dichter hij hun ultieme doelstelling dan ooit.

C. Vann Woodward. America’s Historian door James CobbC. Vann Woodward: America's Historian

Het is fascinerend om deze biografie te lezen van een van Amerika’s bekendste historici. Woodward geniet bij het grote publiek enige bekendheid (nou ja, enige) door zijn mooie, compacte boekje The Strange Career of Jim Crow. Daarin liet hij zien, begin jaren vijftig, dat de Amerikaanse apartheid, de rassenscheiding in het Zuiden, niet een maatschappelijk fenomeen was dat altijd al bestond maar bewust in elkaar was gezet met wetgeving in de jaren 1880, 1890. Het hielp dat Woodward een vloeiende pen had. Alles wat hij schreef, leest lekker weg.

Er zijn allerlei kanttekeningen bij zijn academisch werk te zetten en dat is in de loop der jaren ook gebeurd. Misschien gaat het voor veel lezers te ver om de debatten binnen de historische gemeenschap te volgen – al is het interessant om te zien hoe Woodward als zuiderling erin slaagde om de rassenscheiding op historische conferenties in elk geval aan de kaak te stellen. Dat was nog behoorlijk moeilijk met racisten zoals professor Dunning die aan Columbia University een wel heel speciale versie van de zuidelijke geschiedenis oplepelden.

Woodward schreef mooie boeken zoals The Burden of Southern History en Future of the Past. Na zijn eerste boek The Origins of the New South, ook omstreden, produceerde hij nooit grote historische werken. Gedurende dertig jaar was hij, met Hofstadter, de editor voor de gigantische Oxford History of the United States. Ik heb alle delen daarvan in de kast staan en meer dan dat, gelezen en herhaaldelijk geraadpleegd. Maar hoe moeilijk is het om zo’n serie voor elkaar te krijgen. Amerikaanse boeken hebben onder alle omstandigheden een lange productietijd, maar hier moest je auteurs jaren na het afsluiten van een contract nog achter de broek zitten.

Dit is een boek voor liefhebbers.

Een verjaardag met vraagtekens

Op vier juli viert de Verenigde Staten zijn 250ste verjaardag. Als metafoor mag het een cliché van jewelste zijn, daarom is het nog niet minder toepasselijk: de Founding Fathers draaien zich ratelend om in hun graven, aanschouwend hoe hun creatie er 250 jaar later bij staat. De mannen die de dertien Engelse kolonies leidden naar een onafhankelijk Verenigde Staten, de oudste geschreven grondwet ter wereld opstelden en ook nog eens de cruciale functies vervulden in dat nieuwe land, zullen de viering van deze historische verjaardag beklemd ervaren. Nooit was hun erfenis meer bedreigd.

Een republiek, als je hem overeind kunt houden.’ Dit was Benjamin Franklins antwoord op de vraag wat de uitkomst was van de besprekingen over de Amerikaanse grondwet. De strijd voor onafhankelijkheid draaide om het verwerpen van een dictatoriale monarch, ‘een tiran’ in de woorden van Thomas Paine, die de burgers wetten en regels oplegde zonder hun inspraak, laat staan hun instemming. De Amerikanen kwamen in opstand, vastbesloten om nooit meer een monarch te accepteren. Ze wilden een republiek, geen koning met een onbeperkte macht.

In 1787 zetten de Founding Fathers een doordacht, gekalibreerd systeem van machtsbalansen in elkaar, een ballet van wetgeving, uitvoering en rechtspraak, waarbij alle drie de partners moesten dansen om iets voor elkaar te krijgen. Het duurde even, maar Franklins republiek ontwikkelde zich ook als een democratie, een systeem waarin de burgers als kiezers bepalen wie zeggenschap heeft over hun samenleving – one person, one vote. Het kostte tijd, ging gepaard met pijnlijk falen, soms met wreed geweld tegen eigen burgers, maar democratisch en trots ging de Verenigde Staten de 21e eeuw in.

En terecht. Er was een goede reden, dat de hele wereld elke vier jaar gefascineerd toekeek hoe dit democratisch ritueel zich afspeelde. Zeker, het was goed theater, maar het was ook een toonbeeld van democratisch zelfbewustzijn door het belangrijkste land van de wereld. Amerikanen wisten dat de superkracht van hun land, de greatness zo u wilt, alles had te maken met hun geschiedenis, met hun instellingen en met hun democratische gezindheid. Want verkiezingsrituelen zijn een reflectie van een mindset, van een manier van met elkaar omgaan, een bereidheid het spel te spelen. Dát is de essentie van democratie, veel meer dan de woorden van de grondwet. Dat was hun voorbeeld voor de wereld.

Zo optimistisch kunnen we niet meer zijn. In het jaar dat de Verenigde Staten zijn 250e verjaardag viert, ondergaat dat delicate systeem waarmee Amerika zichzelf keer op keer heruitvond, waarmee het land de wereld leidde en een voorbeeld gaf van rationaliteit en rede, zijn grootste crisis sinds de Burgeroorlog. De 45e man die het presidentschap heeft bekleed, Donald J. Trump, zal historische betekenis hebben. De brute narcist, corrupte zakkenvuller en nonchalant misbruiker van de uitvoerende macht is meer dan een bedrijfsongeval. De tolerantie van Trumps optreden en de meegaandheid van zijn partij en een groot deel van de Amerikaanse bevolking maken het mogelijk dat hij wel eens de grafdrager zou kunnen zijn van wat de Founding Fathers voor ogen hadden. We zullen moeten wennen aan het idee dat naast Washington, Lincoln, de Roosevelts en Jefferson op de lijst van invloedrijke presidenten ook de man komt te staan die hun werk ondermijnde. Het belang van presidenten wordt immers niet enkel aan hun goede werken afgemeten – ook slechte presidenten, juist de allerslechtste presidenten, hebben langdurige invloed.

In The Federalist Papers, de bundel van artikelen geschreven om de nieuwe grondwet uit te leggen, te verdedigen en toe te lichten, schreef James Madison in No 10 in negen woorden misschien wel de basisgedachte die ten grondslag ligt aan het Amerikaanse systeem: ‘Enlightened statesmen will not always be at the helm.’ Je kon er niet van uitgaan dat leiders altijd verlicht waren. Het was niet onmogelijk, suggereerde Madison elders, dat er een kwaadwillend leider zou opstaan. Dat was precies de reden dat de Founding Fathers checks and balances inbouwden in hun systeem. Ze waren niet naïef, en ook niet cynisch, maar sceptisch over de burgers, over meerderheidsregels. Over de menselijke aard, en zelfs, met niet zo’n beetje achttiende eeuwse arrogantie, over ‘de massa’s’.

In de huidige crisis zet één overheidsorgaan, de president, de uitvoerende macht, het systeem naar zijn hand, dwingt de andere machten tot submissie. We zien een president die chanteert, dwingt, wraak neemt, zijn familie en vrienden bevoordeelt, de samenleving corrumpeert, de grondwet aan zijn laars lapt. We zien dat hij alle normen met voeten treedt en dat niemand hem tot de orde roept. We moeten vaststellen dat als weldenkende en moedige politici ontbreken, het hele systeem van vrijheid en een door de rechtsstaat ingeperkte overheid kwetsbaarder is dan de Founding Fathers hadden kunnen vermoeden.

De onaangename waarheid is dat als de drie machten in het systeem niet doen wat hun is opgedragen, wat hun grondwettelijke taak is, het hele bouwwerk op drijfzand lijkt te rusten. Als de president zichzelf absolute macht toerekent en die machtsgreep wordt toegestaan door de controlerende macht, het Congres, en de rechterlijke macht, in hoogste instantie het Supreme Court, dan kan hij de uitvoerende macht domineren op een absolute manier. Dan wankelt Franklins republiek. Dan staan we op de drempel van een autoritair regime, of zijn daar misschien al overheen.

Het is geen schending van de grondwet per se om de andere twee machten naar je pijpen te laten dansen. Sommige politici zijn daar buitengewoon goed in. Uiteindelijk zijn het de Republikeinen in het Congres die uit vrije wil, uit verdwazing, of wellicht geïntimideerd door de president, hun taak als toezichthouder verzaken. Het Congres zelf tolereert dat toegewezen gelden – uiteindelijk heeft het Huis de power of the purse – worden geblokkeerd. Dat door het Congres ingestelde bureaus worden ontmanteld of volgestopt met functionarissen die er juist op uit zijn die bureaus te ontmantelen. Dat Trump wegkomt met zijn machtsgreep en dat de andere machten zijn optreden zelfs toejuichen, dát is wat de bijl legt aan de wortel van wat de Founding Fathers voor ogen hadden.

Hoeveel macht heeft een president eigenlijk? De grondwet, een wonder van compactheid, zegt er verrassend weinig over. Richard Nixon had er wel over nagedacht. ‘When the President does it, that means it’s not illegal,’ opperde hij in een interview met de Engelse journalist David Frost, drie jaar na zijn gedwongen aftreden. Er waren indertijd weinig juristen of politici die daarin meegingen, het was de taal van autoritaire leiders. Curieus genoeg heeft Nixon postuum gelijk gekregen van het Supreme Court, dat in 2023 besliste dat een president voor wat hij doet in de uitoefening van zijn ambt niet vervolgd kan worden.

Geholpen door deze gift van het Supreme Court, die hem onthief van verantwoordelijkheid rond de verkiezingsmanipulaties van 2020, is Donald Trump in Nixons voetsporen getreden. Hij vindt dat de president onbeperkte macht heeft. Zoals Trump het formuleerde: ‘Artikel II staat me toe te doen wat ik wil.’ Het is enkel aan zijn terughoudendheid te danken, suggereerde Trump, dat hij die macht niet onbeperkt gebruikte. Feit is dat hij dankzij de coulance van zijn eigen partij in het Congres macht heeft kunnen pakken waarvan andere presidenten enkel konden dromen.

Donald Trump gebruikt de gegeven vrijheid maximaal en laadt de verdenking op zich te bewegen in de richting van een autoritair regime. Bezorgde wetenschappers zien hoe het elders werkt. Een leider komt aan de macht op democratische manier en ondermijnt het systeem dat hem die macht gaf. Hij stopt de regering en de bureaucratie vol met loyalisten, inclusief het Ministerie van Justitie, het Openbaar Ministerie en de rechtspraak. Trump heeft rechters wier uitspraken hem niet bevallen afgekamd en opgeroepen tot hun impeachment. Hij stuurt troepen de straat op, een gebruik van het leger en de National Guard voor binnenlandse politieke doeleinden dat de Founding Fathers zich niet eens hadden kunnen voorstellen.

Als de Verenigde Staten zich in 2026 op een cruciaal kruispunt bevinden voor wat betreft die door de Founding Fathers ingezette richting, dan is het belangrijk ons te realiseren dat daarvoor niet enkel Donald Trump verantwoordelijk is, wreed, omstreden en impulsief als zijn presidentschap mag zijn. Er zit een groepering achter, een beweging. De Heritage Foundation, de rechtse denktank die Donald Trump voorzag van een richtingwijzer in hun 900 pagina’s dikke routeboek Project 2025, en die nu in de positie zit om zijn plannen uit te voeren, spreekt van ‘een tweede Amerikaanse revolutie’. De schrijvers hebben, in al hun arrogantie, niet ongelijk. Er is anno 2026 sprake van een revolutie, of, zo u wilt, een contrarevolutie. De waarden van de Verlichting, de waarden van de Founding Fathers, worden bedreigd met een goed doordachte denkwereld die met deze waarden en alles wat eruit voortvloeit wil breken. De contrarevolutionairen controleren nu het bestuur, en de zorg dat ze die controle niet zullen opgeven is alleszins gerechtvaardigd. Ze zullen proberen het systeem naar hun behoeften te manipuleren.

Om nog eens terug te komen bij James Madison, in Federalist Nr. 47 stelde hij: ‘de accumulatie van alle macht, wetgevend, uitvoerend en juridisch, in dezelfde handen (…) kan met recht de definitie van tirannie worden genoemd’. De originalists, de conservatieven die claimen de grondwet te interpreteren in de geest van de Founding Fathers en hun tijd, dippen naar believen en willekeurig in wat zij als oorspronkelijk beschouwen om hun stellingnames te rechtvaardigen. Ze zouden eens wat vaker in de Federalist Papers moeten bladeren en de vele geschriften van deze bijzondere mannen moeten raadplegen. Dan zouden ze ook zien dat de Founding Fathers de grondwet juist als een levend document zagen. Ze zouden verwonderd zijn over de weinige aanpassingen sinds 1787 en van hun stoel vallen als ze hoorden over interpretaties van hun denken, 250 jaar later.

Terwijl Amerika zijn 250e verjaardag viert, in een stemming van greatness of misschien niet zo, staat het hele bouwwerk van de Founding Fathers ter discussie. Nou ja, discussie is het verkeerde woord. Het wordt bedreigd. Als het republikeinse model waar Jefferson en zijn collega’s naar streefden ergens voor stond, dan was het als middel om autoritaire tendensen te weerstaan. Het republikeinse model is gebaseerd op samenwerking in de uitvoering van beleid waarin ieders verantwoordelijkheden en belangen aan bod komen. Het idee is dat in een republiek het algemeen belang iets is dat vanzelf opduikt, niet iets dat door iemand wordt opgelegd. ‘Een republiek, als je hem kunt behouden,’ zei Franklin in met een uitroepteken. Anno 2026 staat er een vraagteken.



Klein vuil

Interessant verhaal in de NYT over het vertrek, al of niet gedwongen, van duizenden juristen uit de federale overheid. Veel mensen vertrokken naar de juristerij op staatsniveau, waar ze overheden kunnen helpen met de federale overheid in de slag te gaan. De leegloop is enorm.

Er zijn verscheidene kanttekeningen te zetten bij deze ontwikkeling. Is het erg dat een totaal verjuridiseerde samenleving als de VS minder juristen in overheidsdienst heeft? Ja, waar het betekent dat overheidsfuncties, opgedragen door het Congres, niet meer worden uitgevoerd. Discriminatie en civil rights in het algemeen worden binnen het departement van Justitie nu uitgekleed door de regering Trump. De aandacht van het ministerie gaat naar het vervolgen van Trump vijanden en naar immigratie.

Sommige van de vertrokken mensen hadden geen trek om hun specialisatie te laten lopen om namens Trumps op immigratie te werken. Milieujuristen zien dat ze worden gedwongen jaren van milieubeleid te ontmantelen ten bate van vervuilende industrieën.

Het verhaal is verontrustend omdat de hier aangericht schade niet snel gerepareerd kan worden. Institutioneel geheugen gaat verloren, maar vooral ook het vertrouwen in het ministerie van Justitie. De juristen daar werden, prima facie, vertrouwd. Ze hadden geen politieke agenda, leverden gewoon gedegen werk af, deden wat ze moesten doen. Een ander verhaal in de Times vertelde dat rechters nu precies het omgekeerde hebben: ze vertrouwen Trumps ministerie van Justitie niet meer. Een paar gevallen van notoire leugens, zoals in het geval de onterecht naar El Salvador gedeporteerde man, begin 2025, springen eruit. Het oude verhaal: vertrouwen komt op kousenvoeten maar vertrekt te paard.

#

Trump heeft zijn corruptiefonds laten vallen. Zelfs de labbekakken in zijn eigen partij konden niet toestaan dat hier kapitalen overheidsgeld zonder enige controle zou worden gedistribueerd aan Trump-aanhangers. Maar hier moet het niet bij blijven. De rechter die met de ‘deal’ bezig was met de IRS, de belastingdienst, waarbij de Trump familie gevrijwaard blijft van enig onderzoek naar aangiftes (ondanks een geschiedenis van frauduleuze handelingen), heeft nu een tweede ronde gelast. De president die een deal sluit over zijn prive zaken met een overheidsdienst die onder zijn leiding staat: hoe corrupt wil je het hebben?

Dit is het soort zakkenvul deals waar Trump goed in is. Als er echt onderhandeld moet worden, zoals nu om zijn desastreuze oorlog te beeindigen, blijkt hij nergens toe in staat.

#

Wat we hier zien is de ontrafeling van Trumps presidentschap. Oorlog, economische problemen, een bouwput naast het Witte Huis die niet snel opgevuld gaat worden, een Arc die alleen op papier een kans heeft, een reflectionpool die leeg is. En, de ultieme domper: de Trump naam verwijderd van het Kennedy Center. Dat zou in 2029 sowieso gebeurd zijn, en het Congres had hier al moeten ingrijpen, maar een kordate rechter zet de narcist hier op zijn plek. 

Het duurde nog iets langer dan ik had voorzien maar het was altijd duidelijk dat deze man te ver zou gaan, te kortzichtig zelfzuchtig is, om zichzelf overeind te houden. En eerlijk is eerlijk, ik had niet gedacht dat hij dom genoeg zou zijn om zich in een oorlog in het Midden Oosten te laten lokken. Nethanyahu wordt Trumps ondergang en ze verdienen elkaar.
Nethanyahu wordt ook Israels ondergang maar dat gaat nog wat langer duren, al is hij lekker op weg. Er wordt veel over groeiend antisemitisme gebabbeld, maar wat Israel en zijn vrienden echt zou moeten verontrusten dat het land geen vrienden meer heeft. Wie wil dit land dat zich gedraagt alsof het zich zijn eigen geschiedenis niet herinnert, nog verdedigen?

#

Het is wel amusant om Trump zelf te zien ontploffen. In 50 apps midden in de nacht, half in hoofdletters. We hebben al eerder kunnen vaststellen dat hij in Biden-territorium verkeert: niet meer voldoende bij de les om president te kunnen zijn. De wereldeconomie (en de Amerikaanse burger) betalen er nu al de prijs voor. Mijn vermoeden was altijd dat Trumps opmerkelijke vitaliteit als een pudding in elkaar zou zakken als het tegen zou gaan zitten. Zijn gezondheid zal snel in elkaar donderen.

#

Ook leuk om JD Vance te zien verwelken als muurbloempje in deze regering Trump. Hij was zo verstandig om tegen die oorlog geweest te zijn, maar het liet zien dat hij zonder invloed was. Nu is Trump ook tegen zijn criticus, al was het altijd te voorzien dat Trump Vance en Rubio tegen elkaar zou uitspelen. Rubio maakt nu goede sier met op afstand te zijn gebleven, en kan nog bonuspunten scoren met Cuba, het volgende avontuur van de Trumpies. Maar laat u niet misleiden: Rubio is een principeloze opportunist, Vance een principiële hardliner. Beide kunnen we missen als kiespijn.

#

Over Biden territory gesproken: mevrouw Jill, ooit verstandig geacht en adviseur van haar man, heeft een boek geproduceerd. De grootste onthulling is dat ze dacht dat de oude man een tia had tijdens het desastreuze debat met Trump. Ik heb het boek niet gelezen, en ga dat ook niet doen, maar ik heb tot nu toe niets gezien dat doet vermoeden dat ze ook maar iets onthuld over haar rol bij Bidens eerste en fatale beslissing om überhaupt op te gaan voor herverkiezing.

#

Op hetzelfde niveau van leegheid en ‘wat heb ik eraan’ verkeert het rapport van de Democratische Partij over de verkiezingen van 2024. Het is niet af, het is te laat, het raakt niet aan de belangrijkste onderwerpen. En het laat zien dat de partij zo snel mogelijk na de hopelijk goed verlopen verkiezingen van 2026 met een leider moet komen die de partij programmatisch een gezicht kan geven. Links of rechts, als het maar een gezicht is.
Te vrezen valt dat, net als in het Bidenjaar 2022 een goede verkiezingsuitslag de Democraten overmoedig zal maken. Waar is Pete Buttigieg als je hem nodig hebt?