Afscheid van een historisch jaar

Het is tijd om de balans op te maken van 2021, mijn bloopers, mijn visionaire voorspellingen, en het slagveld van dit historisch jaar te overzien. Buitengewoon historisch, meer dan ik had verwacht, omdat dit het jaar is dat de Amerikaanse democratie een dodelijke steekwond (of meer Amerikaans, een schot in het kruis) werd toegebracht.

Ik denk en voorspel maar meteen dat we op 2021 zullen terugkijken als het jaar van de omslag. Het jaar waarin de belangrijkste democratie in de wereld teloorging omdat de elite van een van de twee partijen niet het lef had dat te voorkomen. De Republikeinen, laten we duidelijk wezen. De Democraten valt veel te verwijten, vooral dat ze niet in staat zijn effectief te regeren, maar niet dat ze willens en wetens de rechtsstaat en de democratie ondermijnen. De Republikeinse elite heeft zijn ziel verkocht aan de duivel. Het is alsof Weimar zich in up tempo herhaalt: een elite die denkt de krachten die ze losmaakt om de macht te verkrijgen gecontroleerd kunnen worden. De krachten die Donald Trump heeft losgemaakt zullen verwoestend blijken. Democratie gaat eraan.

Dat is meteen de eerste erkenning van mijn verkeerd inschatten. Ik onderschatte de man, of in elk geval overschatte ik de elite die zich door hem liet inpakken. Nooit heeft een oud-president, iemand die als president een ramp was en terecht de verkiezingen verloor, een loser kortom, zoveel greep gehad op de politieke partij die hij in 2016 had overgenomen. Knap werk, ik moet het toegeven. Ik had het niet voor mogelijk gehouden. Mijn inschatting was dat de psycho zich in Florida zou terugtrekken in narcistische navelstaarderij over hoe iedereen hem dwars had gezeten. Dat de wereld, dat Amerika, dat de Republikeinse Partij dat zou zien als een ietwat bizar maar verder niet meer relevant spektakel. Kortom, dat hij zou verdwijnen uit de aandacht en dat zijn erfenis vooral vier verspilde jaren en honderdduizenden corona doden zouden zijn.

Ik zou te veel eer eisen als ik claimde de poging tot putsch op 6 januari te hebben voorzien, maar ik wijs toch op een artikel dat ik op 20 april 2020, acht maanden tevoren, op mijn blog zette, onder de titel Dit is wat er gaat gebeuren als Trump op 3 november verliest. Het verscheen in de Standaard, niet in de NRC. Het ging over de bezetting van het Capitool in Lansing, Michigan, door rechtse radicalen, racisten en neonazi’s vanwege verzet tegen corona maatregelen. Ze werden opgejuind door de psycho president en werden verteerd door haat tegen de gouverneur, Gretchen Whitmer. In oktober 2020 werd een samenzwering om haar te vermoorden opgerold. Nu ik terugkijk zie ik in 2020 veel blogposts en een aantal artikelen over Trumps chaos strategie. Het laatste hoofdstuk van ons boek over het presidentschap ging over wat er zou gebeuren als Trump weigerde te vertrekken. Het kwam me op kritiek te staan uit de kring van Amerika-aanbidders. Net als u keek ik mijn ogen uit op 6 januari, maar helemaal uit het luchtledige kwam het niet.

De dag na 6 januari, de aanval op het Capitool die ik consequent heb omschreven als een coup poging want erop gericht om de verkiezingsuitslag te negeren en Trump de macht te geven, publiceerde ik Tijd voor pek en veren in de verwachting dat de aanval op de volksvertegenwoordiging door een zittend president voldoende zou zijn om hem uit DC te verwijderen en voorgoed te verbannen uit de Amerikaanse politiek. Ik kreeg ongelijk. Ik dacht zelfs – onterecht optimistisch – dat dit een buitengewone kans was voor de Republikeinen om Trump kalt te stellen. Senaatsleider McConnell zou geschiedenis kunnen maken als moedige Republikein die toen het erop aankwam de ruggengraat had om te zeggen: genoeg is genoeg.

Wat een verkeerde inschatting. Eerst lieten ze Trump van de haak door zijn tweede impeachment te dwarsbomen – eenmaal geimpeached zou Trump nooit meer kandidaat mogen zijn. Opgeruimd staat netjes, maar niet voor de lafhartige McConnell en zijn acolieten. In mei zou ik schrijven hoe fout ik dat had gezienen schuldbewust moeten erkennen dat ik de perfiditeit van de mannen die Trump een tweede leven gaven te laag had ingeschat. Het artikel verscheen in de Standaard en de NRC.

Een paar dagen na 6 januari schreef ik wel dat we de Republikeinen niet moeten onderschatten. Dat ze gewoon weer in 2022 en 2024 verkiezingen gaan winnen, alsof er niets was gebeurd. Het artikel verscheen in de Standaard en de NRC. Op 18 en 20 januari schreef ik over de vergiftigde erfenis van Trump, met name dat de Big Lie de politiek van Amerika zou gaan bepalen. Het artikel verscheen in de Standaard. Helaas had ik gelijk, ook over de lamlendigheid en labbekakkerigheid van een Republikein als Mitch McConnell en de notoire kwaadwillende slechtheid van Kevin McCarthy, de Republikeinse leider in het Huis.

On the bright side, de druk die Trump uitoefent op kandidaatstellingen voor de tussentijdse verkiezingen van 2022, kan kandidaten opleveren die onverkiesbaar zijn. Misschien kunnen de Republikeinen ze toch binnenlepelen met hun frauduleuze kiesregels, maar evenzogoed zouden ze gewoon kunnen verliezen. Ik blijf bij mijn overtuiging dat Trump zelf niet kan worden herkozen, simpelweg omdat pak weg twintig van de zeventig miljoen kiezers die hij in november had, na 6 januari niets meer van hem moeten hebben.

In de loop van het jaar heb ik verscheidene artikelen geschreven over de bedreigde Amerikaanse democratie. Het meest recent eind november zowel in de Standaard als in de NRC. Daarvoor en daarna heb ik zoveel rondom de teloorgang van democratie als instituut geschreven dat ik inmiddels me steeds moet afvragen of ik niet te vaak hetzelfde roep. Als je steeds maar noteert dat het kiezen moeilijk gemaakt wordt ten bate van een partij, dat het systeem gegerrymanderd is zodat de minderheid de meerderheid krijgt, en het systeem van de senaat en het kiescollege voor president fataal onevenwichtig is, komt er een punt dat de lezer misschien zegt: heb je hem weer. Maar verdomd, ik kan het niet genoeg benadrukken, de Amerikaanse democratie is dodelijk verwond. Ik weet niet eens meer zo zeker of hij nog te redden is.

Niet helemaal los van dit alles is de VS een samenleving die op vele punten niet deugt. Wapens, abortus, ongelijkheid, slecht onderwijs, slechte ziekenzorg: het is een buitengewoon land, buitengewoon afwijkend van de norm die elders voor beschaafd wordt gehouden. Ik heb dat onlangs nog op mijn blog eens op een rijtje gezet. En dan had ik het alleen nog voor tamelijke basale binnenlandse zaken. De naam Trump komt in dat verhaal niet voor want het is niet de schuld van Trump dat Amerika uit elkaar valt, hij is eerder het product van die ontwikkeling. Op buitenlands gebied was Afghanistan veelzeggend. Ik denk dat China gelijk heeft in zijn analyse van de VS als een nation in decline. Idioot hoge uitgaven aan defensie gaan dat niet veranderen.

Mijn verwachtingen van Joe Biden waren voor zijn verkiezing nogal beperkt. Ik zag hem met zijn rollator de afgrond insukkelen. Daar kreeg ik ongelijk, in elk geval electoraal. Hij bleek de juiste, misschien de enige die Trump kon verslaan. Aanvankelijk riep hij hoge verwachtingen op als president, zeker toen die twee zetels van Georgia de Democraten een meerderheid gaven. Ik vergeleek zijn ambities met die van Lyndon Johnson en schreef in het Historisch Nieuwsblad over de Great Society. Een kiss of dead misschien, want er bleef weinig over van zijn plannen. Niet de Republikeinen zaten hem dwars maar zijn eigen Democraten, zowel de progressieven als senatoren als Manchin en Sinnema.

Ik ben er dit jaar wel van overtuigd geraakt dat de brave man te oud is. Dat is een van de redenen, denk ik, dat hij niet goed kan onderhandelen en zeker een reden dat hij niet in staat is zijn verhaal goed aan de bevolking te verkopen en zo Manchin voor het blok te zetten. Te oud. Sukkelend. Bejaardheid uitstralend. Vandaar dat ik in november schreef dat hij maar beter meteen kan laten weten in 2024 niet kandidaat te zijn. Hij moet me gehoord hebben, want hij deed precies het omgekeerde. Waarmee hij net als Hillary een jongere generatie in de weg gaat zitten. Het is ontmoedigend als je op een tijdige dood van politici moet hopen om van ze af te komen.

Het was ook een jaar waarin ik mezelf betrapte op de gedachte dat anti-vaxxers in de VS verdienen wat ze krijgen: dood door corona. Het hielp ontzettend dat de anti-vaxxers overweldigend Trump aanbiddende Republikeinen zijn. Als er maar genoeg dood gaan, dan kan zelfs het morrelen aan kieswetten om als minderheid de meerderheid te krijgen daar niet tegenop. Ik vrees dat je zo gaat denken, dat ik zo ga denken, in een wereld waarin je niet alleen van mening verschilt over hoe een samenleving eruit moet zien maar je politieke opponenten ook als vijanden gaat zien. De haat op rechts heeft een complement op links, zij het kleiner. Maar haat is geen manier om een samenleving te organiseren. Vandaar dat ik schrik van mijn eigen gedachten over die creperende Republikeinen.

Ook in de Nederlandse context kwam een onplezierige gedachte op. Als die anti-vaxxers zo eigenwijs zijn, denken dat het virus hen niet pakt, maar dan wel meer dan de helft van het ziekenhuis in beslag nemen, waarom dan niet hun positie tot het uiterste doorredeneren en ze niet behandelen? Geen vaccinatie, geen hulp als je corona krijgt. Nee, zo kan het niet werken, maar het is wel het logische complement van een QR strategie (waar ik voor ben). Zoals geloof ik iedereen, heb ik anti-vaxxers in mijn directe omgeving. De paar goede argumenten voor hun houding worden vergezeld van een stortvloed van samenzweringsnonsens en een lofzang op huisjesmelker Haga en de rekenwonder Fleur Agema. Zoals mijn broer zegt: ze kiezen ervoor in de rabbit hole van het internet te duiken. De deskundigen zeggen dat we met ze in gesprek moeten blijven. Ik heb er geen zin in.

Afgezien van de Republikeinse bereidheid om democratie te vernietigen, was de vrijspraak van die jongen in Wisconsin, Kyle Rittenhouse, die twee mensen vermoordde – pardon, doodschoot in zelfverdediging –, een dieptepunt van dit jaar. Ik zeg dat verkeerd, het echte dieptepunt was dat Republikeinen hem nu als held ontvangen. Misschien is het te veel om te verwachten dat iemand die twee mensen doodmaakt enige terughoudendheid toont, maar Rittenhouse geniet van de aandacht, zuigt het op en gebruikt het. De Republikeinen op hun beurt celebreren de oorlogssetting van de Amerikaanse samenleving. 

Het zette me ook aan het denken over de moord op George Floyd. Ik weet niet of u zich dat ooit heeft afgevraagd, maar ik wel: waarom duwde niemand die moorddadige politieman weg van Floyds nek? Wel het hele zaakje filmen, maar niemand die iets deed. Het antwoord is ziekmakend. Degene die Floyd te hulp gekomen zou zijn, zou in het gevang beland zijn. En lang ook. Omverduwen van een politieagent die zijn werk doet, hoe moorddadig ook, zou niet tot de vrijspraak van Rittenhouse leiden. Niemand deed iets omdat je in Amerika weet dat als je iets doet tegen een politieman, ook al misdraagt die zich nog zo, je de klos bent. Misschien had Floyd door jouw interventie overleefd, had hij wel kunnen ademen. Jij had het niet overleefd. Je kunt het filmen en publiek maken en dat is alles wat je kunt doen. Het is een bewijs van hoe verrot de Amerikaanse samenleving is geworden.

Ik had hier eerder over nagedacht maar het werd weer vers door Rittenhouse, maar ook door een mooie, fascinerende essaybundel van Rachel Greenwald, On Compromise. Zij onderzoekt op voorbeeldige essayistische manier haar eigen impuls om geen millimeter toe te geven (ze komt uit de punk beweging van de jaren negentig en is professor in literatuur in St. Louis) en de neiging van een liberale samenleving om compromissen als ideaal te zien. Ik kan er hier niet al te diep op ingaan, maar die neiging leidt ertoe dat de gevestigde machten altijd de bovenhand hebben. Vraag maar aan Joe Manchin.

Compromissen sluiten is ook een aanvechting die hard rechts, en nu ook de Republikeinen, niet hebben. Ze sluiten geen compromissen, ze hakken erop los en bereiken wat ze willen bereiken. Het idee dat je compromissen kan sluiten, een Grand Bargain kunt bereiken, met een partij die als organisatieprincipe heeft alles procedureel op te blazen, is je reinste luchtfietserij. Compromis als ideaal is dodelijk. Zie de derde weg flauwekul, zie de triangulation van Clinton. 

Er waren dit jaar geen benoemingen voor het Amerikaanse Supreme Court, wel zaken. Gezien het misbruik dat de Republikeinen maakten van hun formele macht om rechters van hun voorkeur te benoemen komen die zaken geleidelijk aan tot een uitspraak. Trumps pogingen onderzoek naar zijn staatsgreep te frustreren zijn zo’n zaak. Abortus is zo’n zaak. Voor Maarten schreef ik een artikel over hoe abortus zo controversieel werd, met een hoofdrol voor de katholieke bisschoppen. Hun wreedheid dwingt zelfs 11 jarige meisjes, verkracht door hun vader, het kind te krijgen (dit niet in de VS maar in Bolivia – maar het zou zo maar in de VS kunnen gebeuren).

Mogelijk komt ook Trumps onwilligheid om inzicht te geven in zijn betrokkenheid bij 6 januari voor het Hof. Het is de vraag of de rechters die hij benoemde hem meer ruimte zullen geven om die reden, maar dat is wel wat deze sjacheraar denkt. En waar hij recht op denkt te hebben. De conservatieve rechters roepen verontwaardigd dat politiek hen vreemd is. De praktijk is anders. De keuze voor een benauwde interpretatie, original intent, zogenaamd wat de founding fathers bedoelden, wat Madison zou hebben kunnen denken, is een politieke keuze. Een mooie analyse van het gehamer op rechten zonder maatschappelijke context mee te nemen, door links en door rechts, is How Rights Went Wrong. Why Our Obsession with Rights Is Tearing America Apart door Jamal Greene.

Dit jaar zagen we dat het congres van Texas, gedomineerd door Republikeinen, een a prima facie absurde wet erdoor jassen. Abortus is verboden vanaf het moment dat een hartslag in een faetus hoorbaar is. Hoe goed je oren moeten zijn, is niet gespecificeerd maar algemeen neemt men aan dat dit betekent dat abortus al na zes weken zwangerschap verboden is. Texas hing er ook nog een vigilante regeling aan die andere burgers in staat stelt, oproept zelfs, om hun medeburgers te vervolgen als ze de absurde regel met voeten treden.

Texas is een populaire staat, deze dagen, de staat trekt veel nieuwkomers. Vooral de grote steden, Dallas en Austin, de eerste conservatief, de tweede een bolwerk van progressief denken en doen. Vrienden van me vertrokken uit progressief Californië naar dit absurde wetgeving makend Texas. Weg uit Californië vanwege hoge belastingen, te veel regels, te veel mensen. Ze stemmen Republikeins. De absurde kanten van een staat als Texas nemen ze voor lief, en dat geldt op landelijk niveau ook die kanten van Trump en kornuiten. Als de belastingen maar laag zijn, de overheid zich niet met ons, welgestelden, bemoeit. Ik wens ze het beste in een staat waar gemeenschappelijkheid ontbreekt, kinderen slecht onderwijs krijgen, gezondheidszorg er alleen is voor de rijken.

Mijn punt is dat in een federaal systeem als dat van de VS wetgevers lokale regels kunnen maken zolang die niet in strijd zijn met algemene regels. Anders gezegd, zolang mijn vrienden in Austin Republikeinen en de psycho in Florida, om niet te spreken over de louche senator Ted Cruz, accepteren omdat ze lage belastingen het allerbelangrijkst vinden, zolang zal Texas dit soort regels maken. En straks met een minderheid in het Texaanse congres een meerderheid van de stemmen zal negeren.

Steeds meer realiseer ik me dat democratie alleen behouden, alleen gered kan worden door de burgers zelf. Het Supreme Court gaat de beschaving of de democratie niet tegen zichzelf beschermen. De kiezers moeten het doen. Mijn pessimisme over de VS strekt zich uit tot die kiezers, tot die meerderheid die wat anders wil dan destructie. Zullen ze op tijd in actie komen, voordat de minderheid democratie als kiessysteem heeft afgeschaft? Ik kan alleen maar hopen dat jongeren de macht van mijn generatie, de zelfzuchtige babyboomers, zullen blokkeren.

Ten slotte nog twee dingen die ik me in de loop van 2021 ben gaan realiseren, for what they’re worth. De eerste is de vraag waar het racisme van de afgelopen jaren (veel jaren al) vandaan komt. Concreet gemaakt: wanneer werden Amerikanen die ik ken als aardig, vriendelijke en zelfs liefdevol, zo racistisch? Het ongemakkelijke antwoord is: door het presidentschap van Barack Obama. Ik weet niet wat ik heb aan die constatering, want het is een ongemakkelijke vaststelling omdat wat aanvankelijk werd ervaren als het temmen van een racistische onderstroom in Amerika door massaal op een zwarte te stemmen, in retrospect de luidruchtigheid van racistische uitingen heeft versterkt. Ik denk dat de interveniërend variabele de progressiviteit was van Obama, waarbij de combinatie van ras en progressief denken door Republikeinen als Donald Trump, Ted Cruz, Josh Hawley en de hele Fox News staf werd opgejuind en uitgebuit. Mitch McConnell en de Republikeinse elite hielden zich gedeisd. Als ze er al bezwaar tegen hadden dat Obama racistisch werd bejegend, dan lieten ze dat niet horen. Voor de goede orde: dit is geen verwijt aan Obama, de meest capabele persoon die sinds Richard Nixon in het Witte Huis zat.

De tweede is dat een belangrijke factor in het Trumpisme, althans wat de aanhang betreft, niet de elite, is te vinden in de behoefte om ergens bij te horen. Om deel te zijn van een groep, en dan ook nog een groep die zich keert tegen de dominante meerderheid (die Biden legitiem gekozen heeft). Op de een of andere manier heeft Trump dat briljant ingeschat: MAGA, petjes, bijeenkomsten, websites, samenzweringen, een gezellige bestorming van het Capitool, de we-zijn-onder-elkaar toon van Fox News. Het is allemaal deel van een behoefte aan groepsverband. Het is naar mijn gevoel minder identiteit als boze blanke burger die de Trumpies bindt als wel een wanhopige strijd tegen de vereenzaming van de moderne wereld. Het is geen uniek Amerikaanse fenomeen. De corpsballenclub van Baudet heeft ook zo’n aantrekkingskracht. Vraag het die gezellige jongerenclub met zijn perfide provocaties.

Dit is ook het jaar dat ik alles wat met de firma Facebook te maken had uit mijn leven bande. Zuckerberg en zijn lulverhalen, de tolerantie voor misbruik van persoonlijke informatie, het kanaal voor de psycho uit Florida, de onthullingen van de whistleblower. Genoeg. Het was geen heldendaad. Facebook heb ik nooit gebruikt. WhatsApp kon gemakkelijk verruild worden voor Signal. Ik heb vast een paar contacten verloren, maar het is geen geweldig grote stap.

Mijn familie kon verbazend gemakkelijk worden overgehaald om de familie app om te zetten en (voor zover ik kan zien) ook alleen daar nog te communiceren. Mijn oude studentenhuis, pas net begonnen op WhatsApp had meer moeite. Ik heb nog steeds twee van de tien mensen niet kunnen bereiken. Mijn fietsclub gaf het op of gaf mij op. Het is geen wereldveroverende groep, volgens een van hen, onze voorzitter, was de ‘overstap’ te groot. Hij dacht, geloof ik, dat je WhatsApp moest laten vallen voor Signal, maar ik heb me erbij neergelegd dat communicatie zonodig via email zal gaan.

Ik vermoed dat ik de uitzondering ben, in elk geval in bovenstaande groepen. Omdat ik geen Netflix heb, nauwelijks televisie kijk, geen Spotify gebruik en niets weet van bekende Nederlanders of populaire muziek gaat een deel van wat Nederland bezig houdt me voorbij. Ik heb niet het gevoel iets te missen. Een voorspoedig 2022 gewenst, laten we hopen dat er niets uitkomt van mijn sombere voorgevoelens en voorspellingen.

Dit bericht is geplaatst in Blogposten. Bookmark de permalink.