Het gekakel over DeSantis als leidende Republikein is onzin.

Tijd om wat tegengas te geven bij de DeSantis boom. Nee, de gouverneur van Florida is niet de vanzelfsprekende Republikein om de desastreuze Trump te vervangen. En nee, zijn overwinning in steeds roder Florida garandeert helemaal niets over de voorverkiezingen, laat staan over de uiteindelijke presidentsverkiezingen. Hij versloeg een buitengewoon zwakke Democraat in een staat die steeds roder is.

Ron DeSantis als persoon krijgt vaak de kwalificatie van ‘een denkende Trump’. Trump duiders (tja) vinden hem een Trumpist en als je hen dan vraagt waarom dan hoor je dat hij net zo bot en grof is als de grote leider en ‘erin gaat met gestrekt been’. Dat geeft natuurlijk niet veel bewijs voor het denkend deel van DeSantis en het doet hem onrecht. Er zijn geen denkende Trumps. Iemand die denkt kan geen Trump zijn, en een Trumpist kan niet denken.

Qua persoonlijkheid is DeSantis voor ons allen nog een gesloten boek. Laten we eerlijk zijn, we hebben hem nog niet bezig gezien of gehoord. Van diverse verslaggevers die hem wel hebben ervaren, kunnen we leren dat hij niet gemakkelijk spreekt. Houterig. Ook niet zo lekker met het op de rug kloppen, babies kussen en andere vereisten voor een kandidaat. Ik weet het niet, voor zover ik hem heb gezien lijkt het me een man zonder veel charisma.

Politiek gezien weten we meer. Vergeet Trump en Trumpisme maar. DeSantis is gewoon goed in het voeren van cultuur oorlogen. Hij verzette zich tegen maatregelen die de spreiding van corona moesten voorkomen, daarmee Trump aanhangers van het domste soort en andere wappies blij makend. Hij hield de scholen open, daarmee de ouders blij houdend. Hoeveel extra doden dat opleverde, is onduidelijk maar in het bejaadenparadijs dat Florida is moet dat aantal aardig zijn opgelopen.

Zijn ‘don’t say gay’ wet die het onmogelijk maakt in scholen over seksuele voorkeur te praten was spekkie voor het conservatieve bekkie. Kinderen van gay ouders (de wet die hen gelijk stelt gaat deze maand door het Huis, daarmee de moraalabsolutisten in het Supreme Court dwarsbomend) mogen van DeSantis in hun school niet praten over het simpele feit dat hun ouders gay zijn – ze mochten eens op ideeën komen. Alle gender crap past ook in DeSantis’ kraam.

DeSantis ontnam de Disney Corporation, goed voor veel werknemers en belasting, allerlei belastingvoordelen die het bedrijf ooit kreeg omdat Disney zich tegen de homofobie keerde. Wat mij betreft was dat een goede daad voor de verkeerde redenen. Disney heeft geen belastingvoordelen nodig maar het was goed dat het bedrijf de ‘don’t say gay’ onzin aan de kaak stelde.

Ook het opspelen van het al of niet onderwijzen van structural racism in Florida was een straw man, een argument dat je optuigt om het vervolgens omver te halen.  DeSantis deed mee met de opgefokte ‘parents rights’ flauwekul, waarbij mensen wordt wijsgemaakt dat hun kinderen de verkeerde geschiedenis onderwezen krijgen. Structural racism wordt helemaal niet onderwezen. Ook de boekverbanningen waar conservatieve zeloten dol op zijn, vondt DeSantis prima. Hij is gewoon een cultural warrior, of, beter gezegd, een opportunist die meedeint op deze golf. En woke geleuter is nu verkeerd in omgekeerde woke: conservatieven die cancelen en uitsluiten. Meer over DeSantis verbod op vrij onderwijs, zelfs aan de universiteit, klik hier.

DeSantis heeft er, met het Republikeinse congres van Florida, voor gezorgd dat de wens van de kiezers, uitgesproken in 2018 in een referendum, dat ex gevangenen na het uitzitten van hun straf weer mogen stemmen, via een omweg werd getorpedeerd. De wet bepaalde dat ze ook nog eerst hun uitstaande boetes moeten betalen. Hij toonde zich van zijn wrede en harteloze kant (hoezo, gestrekt been?) door een twintigtal van de mensen die per ongeluk dachten dat ze wel mochten stemmen en dat deden, op te pakken.

Harteloos, wreed en gratuit was dat hij twee vliegtuigen met immigranten naar Martha’s Vinyard stuurde om de progressieven een lesje te leren. Geen Cubanen natuurlijk want die stemmen op hem. De rekening voor deze publiciteitsstunt ging naar de bevolking. De arme immigranten hadden geen idee wat hen overkwam als speelbal van een stunter.

Als gouverneur is DeSantis goed opgetreden toen de orkaan Ian grote schade aanrichtte. Hij haastte zich naar Washington om extra geld los te krijgen. Oh ja, en toen hij in 2013 afgevaardigde was, had De Santis een grote mond toen New Jersey veel geld kreeg na een nog veel verwoestender storm. Nu zong hij een ander deuntje. Maar laten we zeggen dat geen politicus zonder hypocresie is.

Trump heeft niet ongelijk dat hij De Santis heeft gemaakt. Zijn steun in 2018 was nodig om te winnen, met een vrij kleine marge en tegen een niet florisante Democraat. Maar Trumps idee dat je daarom naar zijn wensen moet buigen is een zinsbegoocheling. De man die niemand loyaal behandelt en alleen aan zichzelf denkt, moet beter weten.

Dat brengt ons op de politiek strategische kanten van een DeSantis kandidatuur. Vergeet alle gekakel na zijn overwinning. Andere gouverneurs haalden grote overwinningen. Dat hij in Miami won, een stad vol vluchtelingen (vaak redelijk welgesteld) uit Cuba, Venezuela en andere Zuidamerikaanse en Carbisiche oorden, zegt me niet zoveel. Kortom: zijn electorale kracht buiten Florida en niet als gouverneur is volstrekt onduidelijk. En de overstap die Trump fans mogelijk achten naar DeSantis als fellow Trumpist zie ik nog niet zo gemakkelijk gaan.

De onmin tussen DeSantis en Trump is die tussen een opkomende en een wegzakkende leider. Gegeven de rücksichtlosheit en het egoïsme van Trump is de kans groot dat de psycho flinke schade gaat toebrengen aan DeSantis. En de Trumpies stappen niet zomaar over tenzij hun sekte leider dat vereist, en dat is precies de ratio van Trumps nieuwe kandidatuur. Houdt ze gevangen. Persoonlijk heb ik er niets op tegen dat Trump en DeSantis elkaar bekladden, maar ik verwacht dat DeSantis zich gedeisd houdt. Hij heeft er niets bij te winnen.

Het is voor DeSantis ook helemaal geen voordeel om nu al omhoog gestoken te worden. Veel te vroeg. Ik herinner maar weer aan gouverneur Scott Walker van Wisconsin die in 2015 alom werd getipt als winnaar (ik herinner me een gesprek met toenmalig leider van het campagnebureau BKB, Erik van Bruggen, die dat heel zeker wist).  Walker haalde de voorverkiezingen niet eens. Ik voorspel dat DeSantis zich koest houdt, de kat uit de boom kijkt en pas vrij laat in het voorjaar van 2023 over het presidentschap begint. Terzijde: de man is 44, hij hoeft niet per se in deze cyclus.

Maar mocht DeSantis wel de hoed in de ring werpen, dan zal hij moeten opboksen tegen een aantal kandidaten die minder Trumpistische, cultuuroorlog achtige bagage hebben. Ik heb ze eerder op een rijtje gezet (klik hier). Tegen de tijd dat ze gaan debateren, pak weg over een jaar van nu, zal Trump een schaduw op de achtergrond zijn. Als hij wel nog meedoet, zal hij in debat afgemaakt worden door andere kandidaten die nu zijn maniertjes kennen. 

Het argument dat de Republikeinen een clean break nodig hebben met de psycho en zijn strapatsen werkt tegen DeSantis. Een aantal van de andere kandidaten kan een betere claim leggen op de denkende erfenis van traditioneel conservatisme, zonder de scheld- en dreigpraktijken. Die kandidaten lopen dan wel het risico dat ze de Trump kiezers moeten missen, maar dat geldt evenzeer voor DeSantis. In die zin heeft Trump, zoals ik gisteren schreef, de partij bij de kloten.

Kortom: alle gekakel van de afgelopen week ten spijt is DeSantis nog lang niet de leader in waiting voor de Republeinen.

Dit bericht is geplaatst in Blogposten. Bookmark de permalink.